Exporteren (0) Afdrukken
Alles uitvouwen

Bindend, primair en normaal terugzetten

Bindend, primair en normaal terugzetten

Bij Back-up kunnen gegevens van gedistribueerde services die deel uitmaken van de systeemstatusgegevens, zoals de gegevens van de Active Directory-service, worden teruggezet met behulp van een van de volgende drie methoden:

  • Primair terugzetten
  • Normaal (niet-bindend) terugzetten
  • Bindend terugzetten

Als u wilt begrijpen hoe elke terugzetmethode werkt, is het belangrijk te weten op welke wijze het hulpprogramma Back-up een back-up maakt van gegevens voor gedistribueerde services. Wanneer u een back-up maakt van de systeemstatusgegevens op een domeincontroller, maakt u een back-up van alle Active Directory-gegevens die beschikbaar zijn op die server (samen met andere systeemonderdelen zoals de map SYSVOL en het register). Als u deze gedistribueerde services wilt terugzetten op die server, moet u de systeemstatusgegevens terugzetten. Het aantal domeincontrollers en de configuratie van de domeincontrollers in het systeem is bepalend voor de terugzetmethode die u kiest. Als u bijvoorbeeld gerepliceerde wijzigingen van Active Directory ongedaan wilt maken, maar er zijn meerdere domeincontrollers in uw organisatie, moet u een bindende terugzetbewerking uitvoeren om ervoor te zorgen dat de teruggezette gegevens worden gerepliceerd naar alle servers. Als u echter Active Directory-gegevens wilt terugzetten op een zelfstandige domeincontroller of op de eerste van verschillende domeincontrollers, moet u een primaire terugzetbewerking uitvoeren. Als u Active Directory-gegevens wilt terugzetten op slechts één domeincontroller in een systeem waarin Active Directory-gegevens worden gerepliceerd naar verschillende domeincontrollers, kunt u een normale terugzetbewerking uitvoeren als de teruggezette gegevens niet naar alle servers hoeven te worden gerepliceerd.

Primair terugzetten

Gebruik deze terugzetmethode wanneer de server die u probeert terug te zetten, de enige actieve server is van een gerepliceerde gegevensset (SYSVOL en FRS zijn bijvoorbeeld gerepliceerde gegevenssets). Selecteer primair terugzetten alleen wanneer u de eerste replicaset terugzet op het netwerk. Gebruik de primaire terugzetmethode niet als er al een of meerdere replicasets zijn teruggezet. U voert een primaire terugzetbewerking meestal alleen uit wanneer alle domeincontrollers in het domein zijn uitgevallen en u het domein opnieuw probeert op te bouwen vanaf een back-up.

 

Gedistribueerde gegevens Reden voor het gebruiken van primair terugzetten van systeemstatusgegevens

Active Directory

Een zelfstandige domeincontroller terugzetten. De eerste van verschillende domeincontrollers terugzetten.

SYSVOL

Een zelfstandige domeincontroller terugzetten. De eerste van verschillende domeincontrollers terugzetten.

Replicasets

De eerste replicaset terugzetten.

Selecteer bij de geavanceerde opties Bij het terugzetten van gerepliceerde gegevenssets de teruggezette gegevens markeren als de primaire gegevens voor alle replica's als u een primaire terugzetbewerking wilt uitvoeren. Zie Geavanceerde opties voor terugzetten instellen voor meer informatie.

Normaal terugzetten

Een normale terugzetbewerking die door Back-up wordt uitgevoerd, is een niet-bindende terugzetbewerking. Dit betekent dat alle gegevens die u terugzet, met inbegrip van Active Directory-objecten, nog steeds hun oorspronkelijke USN (Update Sequence Number) hebben. Het replicatiesysteem van Active Directory gebruikt dit nummer om wijzigingen in Active Directory op te sporen en door te geven aan de servers in uw organisatie. Hierdoor lijkt het alsof alle gegevens die niet-bindend zijn teruggezet oud zijn en worden deze gegevens dus nooit naar uw andere servers gerepliceerd door het replicatiesysteem van Active Directory. In plaats daarvan werkt het replicatiesysteem van Active Directory de teruggezette gegevens bij met nieuwere gegevens van uw andere servers, indien nieuwere gegevens beschikbaar zijn. U moet een bindende terugzetbewerking uitvoeren om de teruggezette gegevens te repliceren naar de andere servers.

 

Gedistribueerde gegevens Reden voor het gebruiken van normaal terugzetten van systeemstatusgegevens

Active Directory

Eén domeincontroller terugzetten in een gerepliceerde omgeving.

SYSVOL

Eén domeincontroller terugzetten in een gerepliceerde omgeving.

Replicasets

Alle replicasets terugzetten behalve de eerste (set 2 tot en met n, voor n replicasets).

Bindend terugzetten

Als u Active Directory-gegevens bindend wilt terugzetten, moet u het hulpprogramma Ntdsutil uitvoeren nadat u de systeemstatusgegevens hebt teruggezet maar voordat u de server opnieuw start. Met het hulpprogramma Ntdsutil kunt u Active Directory-objecten markeren voor het uitvoeren van een bindende terugzetbewerking. Wanneer een object is gemarkeerd voor bindend terugzetten, wordt het desbetreffende USN (Update Sequence Number) gewijzigd zodat dit hoger is dan alle andere USN's in het replicatiesysteem van Active Directory. Hierdoor worden alle gerepliceerde of gedistribueerde gegevens die u terugzet op de juiste wijze gerepliceerd of gedistribueerd binnen uw hele organisatie.

Als u bijvoorbeeld per ongeluk objecten verwijdert of wijzigt die zijn opgeslagen in de Active Directory en deze objecten worden gerepliceerd of gedistribueerd naar andere servers, moet u een bindende terugzetbewerking uitvoeren voor deze objecten om ervoor te zorgen dat ze daadwerkelijk worden gerepliceerd of gedistribueerd naar de andere servers. Als u geen bindende terugzetbewerking uitvoert voor de objecten, worden deze nooit gerepliceerd of gedistribueerd naar uw andere servers omdat zij ouder lijken dan de objecten die zich op dit moment op uw andere servers bevinden. Door gebruik te maken van het hulpprogramma Ntdsutil voor het markeren van objecten waarop u een bindende terugzetbewerking wilt uitvoeren, kunt u er zeker van zijn dat de gegevens die u wilt terugzetten ook werkelijk worden gerepliceerd of gedistribueerd binnen uw hele organisatie. Als er echter een storing is opgetreden op de systeemschijf of als de Active Directory-database beschadigd is, hoeft u alleen een niet-bindende terugzetbewerking uit te voeren en hoeft u het hulpprogramma Ntdsutil niet te gebruiken.

U kunt het hulpprogramma Ntdsutil uitvoeren vanaf de opdrachtprompt. Zie Ntdsutil voor meer informatie over het gebruiken van ntdsutil om een bindende terugzetbewerking uit te voeren. De Help-informatie voor Ntdsutil kunt u ook opvragen door na de prompt ntdsutil /? te typen.

 

Gedistribueerde gegevens Reden voor het gebruiken van bindend terugzetten van systeemstatusgegevens

Active Directory

Teruggaan naar de vorige versie of wijzigingen ongedaan maken.

SYSVOL

Gegevens opnieuw instellen.

Replicasets

Teruggaan naar de vorige versie of wijzigingen ongedaan maken.

Waarschuwing

  • Wanneer u de systeemstatusgegevens terugzet en u geen alternatieve locatie opgeeft voor de gegevens, wist Back-up de systeemstatusgegevens die zich momenteel op de computer bevinden en vervangt deze door de systeemstatusgegevens die u aan het terugzetten bent.

Opmerkingen

  • Als u de systeemstatusgegevens wilt terugzetten op een domeincontroller, moet u eerst de computer starten in de modus Active Directory terugzetten. Hiermee kunt u de map SYSVOL en de Active Directory terugzetten. Zie Opstartopties voor meer informatie over het starten van de computer in de modus Active Directory terugzetten.
  • U kunt alleen de systeemstatusgegevens op een lokale computer terugzetten. U kunt de systeemstatusgegevens op een externe computer niet terugzetten.

Zie Geavanceerde opties voor terugzetten instellen voor meer informatie.

Vindt u dit nuttig?
(1500 tekens resterend)
Bedankt voor uw feedback

Community-inhoud

Weergeven:
© 2014 Microsoft