Exporteren (0) Afdrukken
Alles uitvouwen

Verschillende typen back-ups

Verschillende typen back-ups

Het hulpprogramma Back-up ondersteunt vijf methoden voor het maken van een back-up van gegevens op uw computer of netwerk.

Kopiëren (back-up)

Een back-up waarbij een back-up wordt gemaakt van alle geselecteerde bestanden, maar waarbij de gekopieerde bestanden niet als zodanig worden gemarkeerd (met andere woorden: het kenmerk Archief wordt niet gewist). Kopiëren komt van pas als u een reservekopie van bestanden wilt maken en geen standaardback-up, maar ook geen incrementele back-up wilt maken. Het voordeel van deze methode is dat bij kopiëren (back-up) de andere typen back-up niet worden beïnvloed.

Dagelijkse back-up

Een back-up waarbij een back-up wordt gemaakt van alle geselecteerde bestanden die zijn gewijzigd op de dag dat de dagelijkse back-up wordt gemaakt. De gekopieerde bestanden worden niet als zodanig gemarkeerd (met andere woorden, het kenmerk Archief wordt niet gewist).

Differentiële back-up

Een back-up waarin bestanden worden opgenomen die zijn gemaakt of gewijzigd sinds de laatste standaardback-up of incrementele back-up. De gekopieerde bestanden worden niet als zodanig gemarkeerd (met andere woorden, het kenmerk Archief wordt niet gewist). Als u een combinatie van standaardback-ups en differentiële back-ups gebruikt, hebt u voor het terugzetten van bestanden en mappen zowel de laatste standaardback-up als de laatste differentiële back-up nodig.

Incrementele back-up

Een back-up waarin alleen die bestanden worden opgenomen die zijn gemaakt of gewijzigd sinds de laatste standaardback-up of incrementele back-up. De gekopieerde bestanden worden gemarkeerd als gekopieerd (het kenmerk Archief wordt dus gewist). Als u een combinatie van standaardback-ups en incrementele back-ups gebruikt, hebt u voor het terugzetten van uw gegevens de laatste standaardback-up en alle incrementele back-upsets nodig.

Standaardback-up

Een back-up waarbij alle geselecteerde bestanden worden gekopieerd en waarbij wordt aangegeven dat er een back-up van de bestanden is gemaakt (met andere woorden: het kenmerk Archief wordt gewist). Bij standaardback-ups hebt u alleen het meest recente exemplaar van het back-upbestand of de tape nodig om alle bestanden terug te zetten. U voert meestal een standaardback-up uit wanneer u voor het eerst een back-upset maakt.

Een combinatie van standaardback-ups en incrementele back-ups neemt de minste opslagruimte in beslag en is de snelste back-upmethode. Het terugzetten van bestanden kan echter tijdrovend en moeilijk zijn omdat de back-upset mogelijk op verschillende schijven of tapes is opgeslagen.

Het gebruik van een combinatie van standaardback-ups en differentiële back-ups kost meer tijd, vooral als uw gegevens regelmatig worden gewijzigd, maar het is eenvoudiger om de gegevens terug te zetten omdat de back-upset zich gewoonlijk op slechts enkele schijven of tapes bevindt.

Zie Het type back-up instellen voor meer informatie.

Vindt u dit nuttig?
(1500 tekens resterend)
Bedankt voor uw feedback

Community-inhoud

Toevoegen
Weergeven:
© 2014 Microsoft