Table of contents
TOC
De inhoudsopgave samenvouwen
De inhoudsopgave uitvouwen

Bestandsopslag in de VMM-infrastructuur instellen

Rayne Wiselman|Laatst bijgewerkt: 2-11-2016
|
1 Inzender

Van toepassing op: System Center 2016 - Virtual Machine Manager

U kunt bestandsoplag die ondersteuning biedt voor SMB 3.0, beheren in de VMM opslaginfrastructuur (Virtual Machine Manager) van System Center 2016. Dit omvat Windows-bestandsservers, scale-out bestandsservers (SOFS) en NAS-apparaten (Network-Attached Storage) van derden zoals EMC en NetAPP.

In dit artikel wordt beschreven hoe u bestandsopslag toevoegt aan de VMM-infrastructuur. Nadat bestandsshares beschikbaar zijn gemaakt in de infrastructuur, kunt u ze toewijzen aan Hyper-V-hosts en -clusters.

Een bestandsshare toevoegen aan de VMM-infrastructuur

Als u een bestandsserver toevoegt, detecteert VMM automatisch alle shares die op dat moment op de server aanwezig zijn.

  1. Klik op Infrastructuur > Opslag > Resources toevoegen > Opslagapparaten.
  2. Selecteer in de wizard Opslagapparaten toevoegen > Providertype selecteren de optie Voeg een op Windows gebaseerde bestandsserver toe als beheerd opslagapparaat om een enkele of geclusterde bestandsserver te beheren in de VMM-console.
  3. Geef bij Detectiebereik opgeven het adres of de naam op van de bestandsserver. Als de bestandsserver zich in een domein bevindt dat niet wordt vertrouwd door het domein van de virtuele-machinehosts, selecteert u Deze computer bevindt zich in een niet-vertrouwd Active Directory-domein. Selecteer een Uitvoeren als-account dat toegang heeft tot de bestandsserver.
  4. Onder Gegevens verzamelen worden de gegevens van de shares op de bestandsservers voor zover mogelijk automatisch gedetecteerd en geïmporteerd door VMM. Als het detectieproces slaagt, worden de gegevens van de bestandsserver weergegeven. Klik op Volgende als het proces is voltooid.
  5. Selecteer onder Opslagapparaten selecteren de bestandsshares die u met VMM wilt beheren.
  6. Controleer de instellingen onder Samenvatting en klik op Voltooien.

Een bestandsshare maken

U moet een bestandsshare maken op de bestandsserver. Als u dit doet, worden machtigingen automatisch door VMM toegewezen.

  1. Klik op Infrastructuur > Opslag > Providers.
  2. Selecteer de bestandsserver > Bestandsshare maken.
  3. Geef onder Bestandsshare maken het pad op waarin u de share wilt maken. Als het niet bestaat, wordt het door VMM gemaakt.

Bestandsshares toewijzen

U kunt bestandsshares maken op elke host waarop u VM’s wilt maken die de bestandsshare als opslag moeten gebruiken.

  1. Klik op Infrastructuur > Servers > Alle hosts en selecteer de host of het clusterknooppunt die of dat u wilt configureren.
  2. Klik onder Host > Eigenschappen op Eigenschappen > Hosttoegang. Geef een Uitvoeren als-account op. Standaard wordt het Uitvoeren als-account vermeld waarmee de host is toegevoegd aan VMM. Configureer de accountinstellingen in het vak van het Uitvoeren als-account. U kunt niet het account gebruiken dat u voor de VMM-service gebruikt.

    • Als u een domeinaccount voor de VMM-serviceaccount hebt gebruikt, moet u het domeinaccount toevoegen aan de lokale beheerdersgroep op de bestandsserver.
    • Als u het lokale systeemaccount voor de VMM-serviceaccount hebt gebruikt, moet u het computeraccount voor de VMM-beheerserver toevoegen aan de lokale beheerdersgroep op de bestandsserver. Voor een VMM-beheerserver met de naam VMMServer01 voegt u bijvoorbeeld de computeraccount VMMServer01$ toe.
    • Hosts of hostclusters die toegang hebben tot de SMB 3.0-bestandsshare, moeten aan VMM worden toegevoegd met een Uitvoeren als-account. Dit Uitvoeren als-account wordt automatisch door VMM gebruikt om toegang te krijgen tot de SMB 3.0-bestandsshare.
    • Als u expliciete gebruikersreferenties hebt opgegeven toen u een host of hostcluster hebt toegevoegd, kunt u de host of het cluster uit VMM verwijderen en opnieuw toevoegen met een Uitvoeren als-account.
  3. Klik op Eigenschappen hostnaam > Opslag > Bestandsshare toevoegen.

  4. Selecteer onder Pad naar bestandssharepad de vereiste SMB 3.0-bestandsshare en klik vervolgens op OK. Open de werkruimte Taken om de taakstatus weer te geven en te bevestigen dat de host toegang heeft. U kunt ook de hosteigenschappen opnieuw openen en vervolgens op het tabblad Opslag klikken. Klik onder Bestandsshares op de SMB 3.0-bestandsshare. Controleer of een groen vinkje wordt weergegeven naast Toegang tot bestandsshare.
  5. Herhaal deze procedure voor alle zelfstandige hosts die u toegang wilt geven tot de SMB 3.0-bestandsshare of voor alle knooppunten in een cluster
© 2017 Microsoft